|
|
|
|
Restjes? Gebruik ze creatief!
|
| |
|
|
In de meeste recepten van Start to Eat zijn de ingrediënten zodanig berekend dat de kans op restjes klein is. Toch kan het gebeuren dat je met een overschot blijft zitten. Een aantal eters is misschien niet opgedaagd of je hebt meteen een portie voor 2 dagen klaargemaakt. En natuurlijk bestaan er heel wat volumineuze groenten die je vaak niet in één keer kunt verwerken, zoals een knolselderij of een kool.
|
|
In de koelkast bewaren of invriezen?
|
|
Een eerder kleine rest van een bereid gerecht uit de Start to Eat-recepten kan je beter in de koelkast bewaren. Op die manier voorkom je dat je diepvriezer vol geraakt met kleine potjes! Het restje kan je de dag nadien opwarmen of als koud tussendoortje eten. Als algemene veiligheidsregel geldt: maximum 2 dagen bewaren in de koelkast. Soep of stoofgerechten die lang gekookt of gegaard hebben, mogen wat langer bewaard worden: 3 tot 4 dagen. Een grote hoeveelheid rest van een bereid gerecht kan je dan weer in één of meerdere porties invriezen, dit om te vermijden dat je twee of drie dagen na elkaar hetzelfde moet eten. Voor ingevroren resten is de veiligheidsregel: maximum 1 maand in de diepvriezer bewaren. Plak een etiket met de invriesdatum op de doos of het bakje. Heb je nog de helft of meer van een verse, rauwe bloemkool, een kool (rode, witte of groene), een knolselderij of een venkel over? Deze vrij harde groenten kan je in grote stukken snijden, eerst kort blancheren (maximaal 5 minuten) en na het afkoelen invriezen. Eens ontdooid, kan je ze nog heel goed verwerken in een puree of een stoofschotel. Wil je deze groenten toch liever vers verwerken, dan vind je hieronder heel wat tips.
|
|
Vijf vuistregels om restjes voedselveilig te bewaren en weer te gebruiken
|
|
1. Laat restjes steeds zo snel mogelijk afkoelen. Probeer ze binnen het uur in de koelkast of de diepvriezer te hebben. Om het afkoelen te versnellen kan je de pan in een bak met koud water en ijsblokjes plaatsen. Houd de pan afgedekt. 2. Bewaar restjes nooit in de pan of de kom waarin je het gerecht hebt bereid. Schep ze met een schone lepel over in een schoon bewaardoosje of bakje. Was je handen goed eer je dit doet. Zet het doosje of bakje onderaan in de koelkast. 3. Ontdooi ingevroren restjes nooit op kamertemperatuur, want je krijgt dan een pijlsnelle aangroei van bacteriën. Laat ze ontdooien in de koelkast of in magnetron (ontdooifunctie). 4. Warm restjes door en door op eer je ze opdient en roer goed, zodat de bereiding tot in de kern opgewarmd wordt. Dien ze meteen op na het opwarmen. Ook belangrijk: meng liever geen verse ingrediënten onder volledig bereide en ontdooide gerechten. Voor afzonderlijke groenten die je ontdooid hebt, geldt deze regel echter niet, want zij kwamen niet met andere ingrediënten (vlees, vis, zuivel, vet...) in aanraking. 5. Ontdooide of in de koelkast bewaarde restjes mag je maar één keer opwarmen. Blijft er na het eten toch nog overschot, dan moet je van je hart een steen maken en het wegwerpen.
|
|
Soep en puree: altijd gezonde restjesverwerkers
|
|
Soep is een must in gezonde voeding: ze vult de maag, brengt vitaminen aan en blijft calorie-arm. Als je blijft zitten met grote resten verse groenten, dan kan je die in een lekkere soep verwerken. Het leuke is dat je van werkelijk alle groentesoorten soep kunt maken, ook van pak weg radijsjes, witloof en koolsoorten. Zelfs van sla, zie verder. Soep is verder een goede manier om ingevroren groenteresten te gebruiken. De basiswerkwijze is altijd dezelfde: maak de groenten goed schoon, snijd ze in stukjes en fruit ze aan in een weinig vetstof. Voeg magere bouillon toe en laat 15 minuten zachtjes koken. Breng de soep dan op smaak met peper, zout en specerijen naar keuze. Wil je de soep meer gebonden, laat dan 1 of 2 aardappels meekoken en mix de bereiding op het einde. Op het einde kun je nog vers gehakte tuinkruiden en broodcroûtons onder de soep roeren. Nog een tip: in soep kan je ook een rest gebraad, kip, kalkoen of gekookte vis verwerken. Snijd deze rest in blokjes, voeg ze op het einde van de bereiding bij de soep en laat nog 1 minuutje mee opwarmen. Je hebt meteen een gezonde en lekkere maaltijdsoep. Een flinke rest knolselderij, bloemkool, witte kool, rode kool, groene kool, venkel, wortelen of prei kan je gebruiken voor een puree: snijd de schoongemaakte groenten in stukken en laat ze gedurende 20 minuten koken met een zelfde hoeveelheid aardappelen. Giet de aardappelen en de groenten samen af en stamp ze tot puree met enkele eetlepels magere melk. Meng ze goed en breng ze op smaak met peper, zout en nootmuskaat (ook lekker met wat chilipoeder of geraspte gember!).
|
|
Wat doe ik met een restje verse bloemkool?
|
Snijd de rest in fijne roosjes en eet ze rauw als tussendoortje met een dipsausje ( zie Bloemkoolroosjes met een dipsausje). Een halve bloemkool is ideaal voor een soufflé (zie Bloemkoolsoufflé) of een brood ( zie Bloemkoolbrood). Snijd de rest in fijne stukjes en meng ze met tonijn of krab: gebruik het mengsel als vulling voor een tomaat of als spread op de boterham.
|
|
Wat doe ik met een restje verse venkel?
|
|
Een rest rauwe venkel kan je in fijne reepjes snijden en mengen in een slaatje. De venkel zal voor een verfrissende en verrassende smaaktoets zorgen. Ook heel lekker: als je vis in de oven of in een stoomkoker bereidt, kan je de rest venkel (in stukjes gesneden) boven op de vis leggen. Vis en venkel gaan uitstekend samen. De stukjes gare venkel kan je achteraf ook met de saus mengen.
|
|
Wat doe ik met een restje verse (krop)sla?
|
Als je een flink stuk van de krop over hebt, kun je die in een plastic zakje bewaren. Besprenkel de krop met wat water en leg het zakje in de koelkast. Een aangesneden kropsla kan je beter niet langer dan één dag bewaren. Dat geldt ook voor de meeste andere slasoorten. Gebruik de rest van de sla de volgende dag voor een salade. Origineler: gebruik de resterende bladeren als wraps (zie Kropslawraps). Ijsbergsla is steviger. Je kan een aangesneden ijsbergsla zeker 2 tot 3 dagen bewaren (een niet aangesneden exemplaar tot zelfs een week). Een rest ijsbergsla kan je gemakkelijk gebruiken in de wok (zie Gewokte ijsbergsla).
|
|
Wat doe ik met een restje verse knolselder?
|
Van deze lekkere knol houd je vaak een groot stuk over. Je kunt de rest schillen, in de vorm van frieten snijden en ze besprenkelen met citroensap tegen het verkleuren. Neem ze mee naar het werk als tussendoortjes uit het vuistje. Andere mogelijkheid: de rest van de knol raspen en verwerken in een zeer smakelijke salade (zie Knolselderijsla met noten en schimmelkaas) of gebruik de geraspte knol als broodbeleg (héél lekker!). Een rest knolselderij is bijzonder geschikt voor een smakelijke puree: voor een pittige smaak gebruik je best 2/3 knolselderij en 1/3 aardappelen.
|
|
Wat doe ik met een restje verse komkommer?
|
Heb je nog een halve of drie kwart van een komkommer over, dan kan je die 's anderendaags in staafjes snijden en meenemen naar het werk voor een tussendoortje uit het vuistje. Uiteraard kan je de rest ook in schijfjes snijden en gebruiken in een salade. Je kunt ze verder gebruiken voor een koude soep (zie Gazpacho). Een rest komkommer is ideaal voor een lekkere tatziki (zie Taztiki met komkommer en lollo rossa).
|
|
Wat doe ik met een restje verse courgette?
|
Een halve courgette over? Snijd ze in blokjes en laat ze meekoken in een soep. Als je de soep daarna mixt, zal je zien dat de courgettes de soep binden. Een rest courgette kan je ook in blokjes snijden en laten meekoken met vrijwel elke pastasaus, tomatensaus of zuiderse ratatouille. Je kan een halve courgette goed gebruiken voor een lekkere garnituur: snijd ze in plakjes van 1 cm dik en bestrooi deze met zout. Laat ze trekken tot er waterdruppeltjes verschijnen. Spoel ze dan af en dep ze goed droog. Je kunt ze nu zonder vetstof bakken in een grillpan. Kruid ze met peper, zout en lookpoeder. Geroosterde courgetteplakjes zijn lekker als garnituur bij vlees of vis maar ook als warme garnituur in salades folles. Een rest courgette is ook zeer geschikt voor hartige koekjes (zie Courgettekoekjes).
|
|
Wat doe ik met een rest witte, rode of groene kool?
|
Groene, witte en rode kolen hebben de reputatie dat je altijd met een overschot blijft zitten, omdat ze te groot zijn om in één keer te gebruiken. Gelukkig zijn het stevige groenten. Wanneer je een halve of een kwart van een kool verpakt in vershoudfolie, kan je ze zeker 3 tot 4 dagen bewaren in de koelkast. Een halve witte kool kan je versnijden in lange repen tot een soort van spaghetti. Kook ze 10 minuten en serveer ze met een pastasaus naar keuze. De bladeren van een rest groene kool kan je perfect gebruiken om op te vullen (zie Groenekoolpakjes). Een halve of een kwart van een witte, rode of groene kool is zeer geschikt voor puree (zie Rodekoolpuree). In de winter kan je een rest van een kool in stukken snijden en gebruiken in een hartverwarmende hutspot, samen met prei, wortelen, spruitjes en rapen.
|
|
|
|
| |
|
|
|
| Laatste nieuws |
|
01/07/2010 - Lees hier het laatste nieuws: op 5 juli zijn we erbij op de Classic in Tessenderlo. Vanaf 17 juli trekt de All Day Long zomertour langs verschillende kuststeden. Kom zeker onze stand een bezoekje brengen! lees meer...
|
|
|